Weimar wordt als de bakermat van het Duits classicisme beschouwd. Hier concentreren zich getuigenissen van de belangrijkste Europese cultuurstromingen. Samen met Schiller, Herder en
Wieland werkte en leefde hier Wolfgang Goethe. Ook is het de stad
van Lucas Cranach en Johann Sebastian Bach. En aan het einde van
het Gouden Tijdperk legden Franz Liszt, Richard Strauss, Henry van
de Velde en het Bauhaus rond Walter Gropius, er de grondslagen
voor het modernisme.
Leipzig is de muziekstad bij uitstek. Kerken en theatergebouwen vertellen het verhaal over de zonen van hun stad: Johan Sebastian
Bach, Felix Mendelsohn, Richard Wagner. Verder draagt de stad
haar sporen van de DDR tijd, en is zij uit as herrezen met nieuwe architectuur na 1989.
Dresden is de hoofdstad van Saksen. Het wordt het Florence van het noorden genoemd, parel van de barok, harmonische drieklank tussen geschiedenis, kunst en natuur. Uit de
vroege middeleeuwen zijn kerken bewaard, uit haar barokke periode statige paleizen. Niet alleen de Semper Oper, maar ook de Zwinger en het Johanneum zijn namen die als muziek in de oren klinken.